_________________________________________________________________________________________________
Tentoonstellingen
Tussen 1 oktober en 1 maart worden in Nederland jaarlijks zo'n 275 grote, maar ook lokale tentoonstellingen gehouden, waarbij het aantal ingezonden dieren varieert van 100 tot ca 10000.

Keuren

Op deze tentoonstellingen worden de dieren door de daartoe bevoegde keurmeesters beoordeeld. De keurmeesters maken een rapport op van elk door hen beoordeeld dier en dat rapport wordt vervolgens bevestigd aan de kooi waarin in het betreffende dier tijdens de tentoonstelling is geplaatst. Je kunt op die manier zelf zien wat de keurmeester van je dieren heeft gevonden, maar ook anderen kunnen dat zien. Dat kan heel plezierig zijn als daar staat dat je dier in prima conditie verkeert en dat het in hoge mate voldoet aan de eisen die voor het ras gesteld worden. In dat geval worden 93 tot 95 punten (ZG = zeer goed) of 96 punten (F = fraai) gegeven. In uitzonderingsgevallen kan dat zelfs 97 punten (U = uitmuntend) zijn, maar daar ben je als beginnend fokker nog zo maar niet aan toe. Het kan ook zijn dat de keurmeester meldt dat het dier in matige toestand verkeert of zelfs wel dat het onvoldoende verzorgd is. Dat zijn dan wel harde, maar ook heel leerzame lessen. De fokkers die de beste fokprestaties leveren en hun dieren het fraaist weten te presenteren, winnen de prijzen.

Plaatselijke tentoonstellingen

De meeste liefhebbers beginnen met hun dieren in te sturen op plaatselijke tentoonstellingen. Er zijn daar in de regel niet zoveel dieren en je treft daar vrijwel altijd een vriendschappelijke sfeer aan. Je krijgt daar de kans om met andere liefhebbers kennis te maken en om te praten over de resultaten die je al wel of nog niet hebt bereikt.
De liefhebberij voor de kleinveeteelt begint daardoor als regel bij de plaatselijke gemengde verenigingen. Zij vormen de basis voor de liefhebberij.
Bij de sierduivenfokkers zijn de tentoonstellingen van de regionale sierduivenverenigingen ook erg populair. De meeste fokkers gaan pas naar grotere en verder afgelegen tentoonstellingen inzenden nadat zij eerst hun zelfvertrouwen in de plaatselijke verenigingen hebben opgebouwd en nadat zij gezien hebben dat zij ook op die grotere shows kansen van slagen hebben.

Landelijke tentoonstellingen

Zij gaan wel al vaak eens op die grotere tentoonstellingen kijken wat daar aan de hand is. Daar blijkt dan dat vooral de grote landelijke tentoonstellingen door velen als een feest ervaren worden. Daar ontmoeten de fokkers uit het gehele land elkaar en daar worden de mooiste dieren bij elkaar gebracht. De rechtgeaarde liefhebber kan daar zijn hart ophalen aan de rijke verscheidenheid die daar ten toon wordt gesteld.
_________________________________________________________________________________________________
Vragen over deze pagina? Neem contact op met de NBS.